Als je geen hypothecaire lening (meer) afbetaalt, is langetermijnsparen fiscaal interessant omdat een deel van de stortingen recht geeft op een belastingvoordeel via de personenbelasting. Het bedrag dat in aanmerking komt voor dit fiscaal voordeel is geplafonneerd. Hoeveel je verdient, kan inderdaad een invloed hebben op dat plafond.

Als in 2018 je nettobelastbaar beroepsinkomen* 35.620 euro of meer bedraagt, kan je voor het volledige bedrag van 2.310 euro aan stortingen fiscaal voordeel genieten. Het fiscale voordeel bedraagt voor iedereen 30% van de premie. Je krijg in dit geval dus 693 euro bij wijze van spreken terug van de fiscus.

Als jouw nettobelastbaar beroepsinkomen in 2018 onder de 35.620 euro zakt, kan je niet meer ten volle genieten van het fiscale voordeel van langetermijnsparen. Indien je bijvoorbeeld nog slechts 20.000 euro per jaar zou verdienen omdat je minder gaat werken, kan je nog 1369,40 euro van de stortingen fiscaal in mindering brengen. Dan krijg je bij wijze van spreken 410,76 euro terug van de fiscus.

De berekening van het maximumbedrag waarvoor je in 2018 een belastingvoordeel kan krijgen (aanslagjaar 2019) verloopt als volgt:

  • 15% op een eerste schijf van 1.920 euro van het nettobelastbaar beroepsinkomen + 6% op wat daarboven komt;
  • met een absoluut maximum van 2.310 euro.

Het huwelijksquotiënt

Als één van de twee getrouwde of wettelijk samenwonende partners geen of bijna geen beroepsinkomen heeft, past de fiscus het huwelijksquotiënt automatisch toe. Dat houdt in dat de partner zonder beroepsinkomen tot 30% van het gezamenlijke beroepsinkomen toegewezen krijgt. Voor het aanslagjaar 2019 is dat bedrag geplafonneerd tot 10.720 euro.

Dat komt fiscaal voordeliger uit voor de partner die meer verdient en maakt het bovendien voor de niet of nauwelijks verdienende partner mogelijk om een belastingvoordeel te halen uit bijvoorbeeld langetermijnsparen of pensioensparen.

Als je partner voltijds werkt en jij wil halftijds gaan werken, dan is het huwelijksquotiënt allicht niet van toepassing omdat je beroepsinkomen dat plafond overschrijdt.

Pensioensparen als (bijkomend) alternatief

Als je minder verdient en niet meer volledig kan genieten van het fiscale voordeel voor langetermijnsparen, kan je nog altijd aan pensioensparen doen. Je mag beide formules trouwens cumuleren. Het bedrag dat je fiscaal gunstig kan sparen via pensioensparen hangt niet af van hoeveel je beroepsinkomen bedraagt. Het plafond bedraagt voor iedereen 960 euro in 2018 (aanslagjaar 2019). Als je het maximum spaart via pensioensparen, krijg je 288 euro terug via de personenbelasting.

Herbekijk je contracten

Als je financiële situatie verandert, neem je best contact op met je verzekeringsmakelaar of financieel adviseur om je verschillende spaarcontracten aan te passen aan je nieuwe situatie en fiscaal zo voordelig mogelijk te houden.

*Het netto belastbaar inkomen is het bruto belastbaar inkomen verminderd met je beroepskosten. Deze beroepskosten zijn (meestal) forfaitair vastgesteld.