salle

Het Europees Economisch en Sociaal Comité (EESC) kreeg de vraag zich uit te spreken over een Europees initiatief dat een enorme vooruitgang inhoudt op het vlak van gezondheid: de oprichting van een Europese ruimte voor gezondheidsgegevens. Het doel is patiëntendossiers en resultaten van onderzoeken in een geharmoniseerd digitaal formaat samen te brengen. Patiënten die zich binnen de Europese Unie in het buitenland bevinden, kunnen dan de lokale gezondheidsdiensten hun gegevens laten raadplegen die verzameld zijn in het land waarin ze wonen. Dat levert uiteraard besparingen op door overtollige analyses te voorkomen en maakt het de behandelende arts gemakkelijker zijn patiënt te helpen dankzij de beschikbare informatie - vertaald naar zijn taal - waarop hij zich kan baseren. Maar er zijn meer voordelen: de aldus verzamelde gegevens kunnen, zodra ze geanonimiseerd en geaggregeerd zijn, een fundament vormen voor onderzoeksdoeleinden en voor een gezondheidsbeleid dat gestoeld is op waarnemingen op grote schaal.

Natuurlijk moet een dergelijk systeem de bescherming van de privacy in acht nemen om het vertrouwen van het brede publiek te krijgen. Maar eigenaardig genoeg zou de Commissie, die nochtans een promotor wil zijn van research en innovatie, verzekeraars de toegang willen verbieden tot de geaggregeerde gegevens, ook al kunnen die niet aan individuen worden gelinkt. Dat achtte de Commissie althans een goed voorstel na afloop van de raadplegingen, waar wantrouwen tegenover de verzekeraars heerste. Farmaceutische bedrijven, die eveneens rendabiliteitsdoeleinden nastreven, worden daarentegen niet uitgesloten.

Het debat werd voortgezet in het Europees Economisch en Sociaal Comité. Organisaties die eerder menen dat men verzekeraars nooit genoeg kan wantrouwen stonden er lijnrecht tegenover zij die weten dat een gebrek aan gegevens bij de verzekeraars wanneer zij hun risico’s beoordelen leidt tot uitsluitingen of tarieven die een veiligheidsmarge incalculeren. Een voormalig lid van een socialistische Franse regering getuigde over hoe dit is gebleken bij seropositieve personen, en hoe verzekeraars gemakkelijker dekking begonnen te bieden naargelang er studies kwamen die een toereikende levensverwachting aantoonden bij personen die betrouwbare behandelingen volgden.

Een compromis is bereikt waarbij enerzijds een bekommernis wordt geuit inzake risicoselectie en anderzijds wordt opgeroepen om na te denken over de mogelijkheid verzekeraars toegang tot de gegevens te geven voor onderzoeksdoeleinden – met als voorwaarde weliswaar dat het gegevensgebruik volledig AVG-conform verloopt en doeleinden van algemeen belang dient, en dit onder het toezicht van de bevoegde instanties, in samenwerking met het middenveld.

Het volledige advies INT900 is hier te raadplegen. Het is nu aan het Parlement en de Raad om zich uit te spreken over de voorgestelde verordening met als referentie COM(2022) 197 final. Uit de gesprekken is evenwel gebleken hoezeer de sector onverdroten zijn werking moet blijven toelichten om zijn maatschappelijke en sociale rol te laten gelden.

Met dank aan Wauthier Robyns, voormalig communicatiedirecteur van Assuralia en lid van het EESC, groep Werkgevers, voor deze samenvatting van de besprekingen op het EESC.

Gepubliceerd op 10/10/2022

Schrijf je in op onze nieuwsbrief !

Je ontvangt dan exclusieve artikels die je op de hoogte houden van de actualiteit in de vezekeringswereld.